Klimaatparagraaf in ’t kort

De Staat heeft (n.a.v. het Klimaatakkoord Parijs) doelen vastgelegd voor de vermindering van klimaatvervuilende stoffen (Klimaatwet). De emissies van de internationale luchtvaart zijn hiervan uitgezonderd. Met de luchtvaartsector is het Akkoord Duurzame Luchtvaart (2019) gesloten met het doel de klimaatimpact van de luchtvaart te beperken. Deze niet te ambitieuze doelen zijn vastgelegd in de Luchtvaartnota 2020 – 2050.

Voor 2030 betekent dit dat de uitstoot van vertrekkende vluchten met een
internationale bestemming niet hoger mag zijn dan in 2005. Of te wel in 2030 moet een vermindering van CO2 uitstoot van tenminste 32 (tot 66%) gehaald zijn. Het is hoogst onwaarschijnlijk dat deze percentages worden gerealiseerd.

Door de groei van het luchtverkeer op Schiphol zal de uitstoot, ondanks technologische maatregelen en duurzame brandstoffen, in de nabije toekomst aanzienlijk toenemen.

De Staat neemt geen passende maatregelen tegen deze groeiende uitstoot en handelt daarmee in strijd met zijn eigen klimaatverplichtingen.

RBV eist van de Staat:

  • Dat doelstellingen, vastgelegd in de Luchtvaartnota en het Akkoord Duurzame Luchtvaart worden behaald;
  • Om toereikende en afdwingbare klimaatdoelstellingen vast te leggen voor het (vertrekkend internationale) vliegverkeer van Schiphol.